Begrippenlijst

Voor uw gemak heeft de Stichting Woekerpolis Claim een begrippenlijst opgesteld van veel voorkomende begrippen binnen de woekerpolis-affaire. Met de letterbalk kunt u eenvoudig navigeren richting de beginletter van uw keuze.
 
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
 
A^ top ^
 
Aandelenlease-affaire

Een financiële affaire waarbij consumenten massaal aandelen kochten met geleend geld, en via een hefboomwerking met grote bedragen op de beurs konden beleggen. Bekende aandelenlease aanbieders waren Aegon, Dexia en Fortis. Aandelenlease contracten werden in de jaren negentig van de vorige eeuw populair, maar na beurscrash in de periode 2000-2001, storten de koersen in en kwamen veel consumenten met (grote) restschulden te zitten.

Qua omvang is de woekerpolis-affaire veel groter, als wordt gekeken naar het aantal mensen met een (lopende of afgelopen) beleggingsverzekering, ten opzichte van het aantal mensen met een (lopend of afgelopen) aandelenlease contract. Wél is het zo dat de aandelenlease affaire zich kenmerkte door restschulden, daar waar de woekerpolis-affaire zich hierdoor niet kenmerkt; meestal ontstaat bij beeindiging of aflopen van een beleggingsverzekering geen restschuld. Bij beleggingshypotheken kan dit wél het geval zijn.

Opmerking: U kunt bij Stichting Woekerpolis Claim niet terecht voor uw aandelenlease producten, alleen voor beleggingsverzekeringen.

AFM (Autoriteit Financiële Markten)

De instantie die toezicht houdt op het gedrag van de Nederlandse financiële markten.

In 2003 publiceerde AFM een rapport over beleggingshypotheken, uit het rapport bleek een doorsnee huishouden met een beleggingshypotheek meer dan 50% kans te hebben op een restschuld. In 2006 constateerde de AFM in een ander rapport dat beleggingsverzekeringen ondoorzichtig en relatief duur zijn en dat de informatie bij polissen onvolledig en soms zelfs onjuist is. Daarbij noemde de AFM overigens géén namen van aanbieders.
 
B^ top ^
 
Beginkapitaal

Het kapitaal waarmee men de beleggingsverzekering begint. Het beginkapitaal is altijd het langst renderende deel van de totale inleg. Vaak wordt bij beleggingsverzekeringen een bedrag in depot gestort / een eerste storting gedaan. Als u een berekening zou maken, is dit het beginkapitaal in de berekening.

Beleggingshypotheek

Een beleggingshypotheek is een combinatie van een hypothecaire lening en een beleggingsproduct. Dit beleggingsproduct kan een directe belegging zijn, bijvoorbeeld in een beleggingsfonds, aandelen of obligaties (die dan op uw eigen naam staan), maar dit kan ook een beleggingsverzekering zijn. Via deze verzekering bouwt men dan een kapitaal op waarmee aan het einde van de looptijd de hypotheekschuld moet worden afgelost. Het kapitaal is dan geheel of gedeeltelijk afhankelijk van het beleggingsresultaat.
Beleggingshypotheken zijn vanaf begin jaren 90 heel veel verkocht. Het was toen zelfs één van de populairste en snelst groeiende hypotheekvormen. Wanneer de belegging wordt gedaan via een beleggingsverzekering, is de opbouw van het kapitaal binnen bepaalde grenzen niet belast, wanneer de beleggingen worden gebruikt om de hypotheek af te lossen die u heeft gesloten om uw huis aan te kopen. De beleggingsverzekering wordt dan ook wel een Kapitaalverzekering Eigen Woning genoemd ofwel, afgekort, KEW.

Beleggingsverzekering

Een verzekering waarbij men een uitkering ontvangt die afhankelijk is van het resultaat van een belegging in effecten. De premie wordt hierbij (deels) belegd in effecten, meestal één of meer beleggingsfondsen.

Beschikbare Premieregeling pensioenen (BPR)

Een pensioenregeling die meestal via de werkgever wordt aangeboden en valt onder een verzekeraar. In tegenstelling tot een ‘standaard’ pensioen waarbij een bepaalde pensioenuitkering wordt gegarandeerd, is de hoogte van het pensioen bij de BPR geheel afhankelijk van de waarde van de beleggingen op de beoogde pensioendatum. Is deze waarde (veel) lager dan verwacht, dan valt ook het pensioen (veel) lager uit. Bij een standaard pensioenregeling loopt u dit risico niet. Het kostenniveau bij BPR ligt vaak tussen de 25 en 50% van de premie, aanmerkelijk hoger dan het kostenniveau van een pensioenfonds dat de standaard regelingen uitvoert.

Bruto rendement

Het rendement dat wordt gemaakt met de beleggingen in uw polis zónder dat de door de verzekeraar ingehouden kosten worden meegerekend. Men spreekt daarom ook wel van het ‘fondsrendement’. Het rendement ná aftrek van de kosten ligt vaak (veel) lager. Dit lagere rendement wordt ook wel het ‘productrendement’ genoemd. Het verschil tussen het fondsrendement en productrendement wordt ook wel de ‘wig’ genoemd. Uit de ‘wig’ kunt u afleiden wat de gemiddelde kosten over de gehele looptijd zijn, uitgedrukt in een % van uw bruto premie inleg. In veel gevallen hebben de verzekeraars niet aangegeven hoeveel het productrendement bedraagt uitgedrukt in een % van uw bruto premie inleg. Dit cijfer heeft u echter wél nodig om het product te kunnen beoordelen. Als het te verwachten productrendement lager is dan 4%, bent u - afgezien van de fiscale aspecten - vaak al beter af met een spaarrekening. U loopt dan minder risico en heeft hetzelfde of een hoger rendement. Maar ook wanneer sprake is van een hoger productrendement, kan dit meestal alleen worden gerealiseerd door grote risico’s te nemen, bijvoorbeeld volledig beleggen in aandelen. Ook de wig wordt vaak niet vermeld, zodat de klant niet weet hoe hoog de kosten zijn. Maar ook indien het fondsrendement en de wig wél worden genoemd, dan gelden deze cijfers alleen maar in één specifiek scenario, dat zich in de praktijk vrijwel nooit voordoet, Indien de beurskoersen bijvoorbeeld minder stijgen dan de verzekeraar u voorhoudt, kan de uitkomst al heel anders zijn.
 
C^ top ^
 
Commissie De Ruiter

Midden 2006 nam het Verbond van Verzekeraars het initiatief om een adviescommissie in te stellen met als opdracht de transparantie van beleggingsverzekeringen voor de consumenten in kaart te brengen. Deze commissie stond onder leiding van de voormalige minister van Justitie Job de Ruiter. De naam van de commissie was officieel ‘Commissie transparantie beleggingsverzekeringen’, maar stond bekend onder de naam ‘Commissie De Ruiter’.
 
D^ top ^
 
Depotconstructie

Een depotconstructie is een constructie waarbij een beleggingsverzekering is gekoppeld aan een apart depot met aandelen of andere effecten. Iedere maand (of elke periode) worden effecten uit dit depot verkocht en met de opbrengst worden de premies van de beleggingsverzekering voldaan. Hierbij is sprake van een aanvullend risico. Als de beurskoersen dalen, daalt niet alleen de waarde van de beleggingsverzekering, maar ook de waarde van het depot, waardoor de klant uiteindelijk niet meer in staat is om de termijnen te betalen, waardoor van rechtswege beëindiging van de beleggingsverzekering kan plaatsvinden.

Klanten met een depotconstructie hebben dus een extra verliespost, namelijk het koersverlies op de effecten in het depot, bovenop het nadeel dat voortvloeit uit de beleggingsverzekering zelf. Depotconstructies kunnen dus worden aangemerkt als riskant. Depotconstructies komen niet zo vaak voor in combinatie met een beleggingsverzekering. Deze constructies werden wel veel vaker toegepast in combinatie met effectenlease producten.
 
E^ top ^
 
Eindkapitaal

Het kapitaal dat de begunstigde krijgt uitgekeerd op de einddatum van de polis.

Geoffreerde eindkapitalen kan men vergelijken met het werkelijk behaalde eindkapitaal, om een eerste indruk te krijgen van het resultaat/rendement van de verzekering. Een tweede indruk van het resultaat/rendement van de verzekering kan men krijgen door de (totale) inleg (de som van alle (afzonderlijke) stortingen en alle termijnpremies) te vergelijken het eindkapitaal.

Het eindkapitaal wordt ook wel de eindwaarde genoemd.
 
F^ top ^
 
FVB (Flexibel Verzekerd Beleggen)

FVB is een afkorting van (Flexibel Verzekerd Beleggen), een door Nationale Nederlanden aangeboden beleggingsverzekering. WPC richt haar pijlen onder meer op dit product, omdat dit product zeer veel is verkocht. WPC ontving over dit product ook behoorlijk veel klachten.

Stichting Woekerpolis Claim (WPC) is op 6 juli 2007 een collectieve rechtsprocedure gestart tegen Nationale Nederlanden voor het produkt FVB. Deze procedure is eind 2008 stop gezet nádat met Nationale-Nederlanden en de andere verzekeraars van ING Groep een collectieve schikking werd bereikt, die door de achterban van WPC is goedgekeurd.
 
G^ top ^
 
Geschillencommissie

Een geschillencommissie is een instantie die beslist over zakelijke kwesties waar mensen het niet over eens kunnen worden. Een geschillencommissie beperkt zich gewoonlijk tot kwesties op een bepaald deskundigheidsgebied. Dit soort commissies worden vaak ingesteld door een brancheorganisatie. Het werk van een geschillencommissie is een vorm van bindend advies (in een conflict). Een geschillencommissie kan alleen optreden, als beide partijen zich aan de uitspraak van de geschillencommissie verbonden hebben.
 
H^ top ^
 
Er zijn nog geen begrippen in de lijst opgenomen beginnend met deze letter.
 
I^ top ^
 
Informatieplicht

De plicht van een financiële instelling om klanten adequate informatie te verschaffen over de aangeboden diensten en producten.

De consument dient te allen tijde goed te worden geïnformeerd over de wezenlijke kenmerken van een financieel product en niet in de laatste plaats over het potentiële rendement en de bijbehorende risico’s, zodat de consument in staat is een gedegen afweging te maken over de vraag of hij al dan niet tot aanschaf van een financieel product moet overgaan.
 
J^ top ^
 
Jurisprudentie

Het geheel van uitspraken van rechters.
 
K^ top ^
 
KiFiD

Het Klachteninstituut Financiële Dienstverlening (Kifid), bedoeld om de consument, één loket te bieden voor de beslechting van (dreigende) conflicten met financiële dienstverleners en voor informatie over financiële zaken. Men kan hierbij denken aan de productgroepen beleggingen, verzekeringen, hypotheken, kredieten, overige bankproducten en gemengde producten.

Klachtbrief

Een brief waarmee u uw klacht kenbaar over het verzekeringsproduct kenbaar maakt aan uw verzekeraar.

Het is belangrijk een klachtbrief te sturen aan uw verzekeraar, als u een beleggingspolis heeft. Hiermee maakt u uw klacht over het product kenbaar aan uw verzekeraar en bovendien voorkomt u hiermee dat uw mogelijke claim op uw verzekeraar zal verjaren.

Kosteninhouding

Hiermee worden de kosten bedoeld, die worden ingehouden door de aanbieder van uw beleggingsverzekering. De kosten die bij beleggingsverzekeringen in rekening worden gebracht zijn vaak hoog. Vaak is het ook niet inzichtelijk, hoe, hoeveel, en welke kosten precies worden ingehouden.
 
L^ top ^
 
Levensverzekering

Een levensverzekering is een verzekering die verband houdt van het leven of de dood van de mens, of met de verzorging van de uitvaart van de mens. Een ongevallenverzekering is in de meeste landen géén levensverzekering.

Een levensverzekering kan uitkeren bij overlijden van de verzekerde, al dan niet voor een bepaalde datum of juist bij in leven zijn van de verzekerde op een bepaalde datum. Een levensverzekering kan ook een mengvorm van beide zijn, er wordt dan zowel uitgekeerd bij in leven zijn als bij eerder overlijden. Tot slot kan een levensverzekering een periodieke uitkering geven zolang de verzekerde in leven is of juist vanaf het moment dat de verzekerde komt te overlijden.

Een beleggingsverzekering is een vorm van een levensverzekering, waarbij het resultaat van de verzekering, (mede) afhankelijk is van een belegging in effecten.
 
M^ top ^
 
Negatief rendement

Van een gemiddeld negatief rendement is (binnen dit verband) sprake als het met de beleggingsverzekering opgebouwde kapitaal, tijdens of aan het einde van de van de looptijd, kleiner is dan de totale inleg (de som van alle betaalde maand/jaarpremies en alle stortingen) (tot dan toe). Een gemiddeld negatief rendement, betekent ook een gemiddeld negatief jaarrendement en een gemiddeld negatief maandrendement.

Netto rendement

Het rendement dat werkelijk wordt gemaakt met de beleggingsverzekering, met inbegrip van de door de verzekeraar ingehouden kosten. Dit wordt ook wel het ‘productrendement’ genoemd.

Nihilstelling

Een duiding van uw verzekeraar waaruit blijkt, dat de opgebouwde waarde of de eindwaarde van de verzekering €0,- is (onder een bepaalde rendementsberekening). Indien de polis tussentijds op nihil wordt gesteld, wordt deze automatisch beëindigd. U bent uw inleg dan definitief kwijt en de hieraan verbonden risicodekkingen komen per direct te vervallen.

NN

Een afkorting die wordt gebruikt voor Nationale-Nederlanden, een (levens)verzekeraar die op grote schaal beleggingspolissen heeft aangeboden en op 6 juli 2007 door WPC is gedagvaard. De procedure tegen Nationale-Nederlanden is inmiddels gestopt, gezien de regeling die WPC eind 2008 met Nationale-Nederlanden heeft gesloten.
 
O^ top ^
 
Ombudsman

Een door de burger in te schakelen, onpartijdig en onafhankelijk instituut, waarbij het doel is een klacht (juist) buiten de rechter om op te lossen. Op het vlak van beleggingsverzekeringen, is de dhr. Wabeke de aangewezen ombudsman, werkzaam bij ‘Het Klachteninstituut Financiële Dienstverlening’ (KiFiD).

Overlijdensrisicodekking

De dekking voor de geldelijke uitkering bij overlijden van de polishouder, waarvoor een bepaalde premie is verschuldigd (overlijdensrisicopremie).
 
P^ top ^
 
Premieverlaging

Bij een beleggingsverzekeringen is meestal sprake van termijnbetalingen. U betaalt dan een bedrag per maand of per jaar gedurende de looptijd van de verzekering. Als de premie tijdens de looptijd van verzekering naar beneden wordt bijgesteld, spreekt men van premieverlaging.

Premieverlaging kan bijvoorbeeld plaatsvinden vanwege een (tijdelijke) daling van het inkomen of door beperking van de fiscale aftrekmogelijkheden. Vaak heeft het verlagen van de premie een (sterk) negatief effect op de waarde ontwikkeling van de verzekering. Als de kosten namelijk onveranderd blijven, wordt het te beleggen deel hierdoor kleiner. Hoe hoger de kosteninhouding op de verzekering, des te sterker dit effect zal optreden.

Premievrij maken

Om uiteenlopende redenen wenst men soms de polis premievrij te maken. Soms gebeurt dit op eigen initiatief, maar het kan ook zijn dat een verzekeraar dit aan u voorstelt. Juist op dit moment zijn er veel mensen die vanwege het teleurstellende resultaat van hun beleggingsverzekering overwegen om de polis premievrij te maken. Vaak zijn de kosten hiervoor echter zodanig hoog en/of het resterende kapitaal zodanig laag, dat dit onverstandig is. Het effect van premievrij maken kan zijn, dat uw (jaar)rendement verder wordt verlaagd en dat (helemaal) niet meer kan worden voorzien in de doelstelling van de verzekering.

Het is goed om zelf na te gaan of het verstandig is de premiebetaling voor te zetten. U kunt uw tussenpersoon en/of verzekeraar om opheldering vragen.
 
Q^ top ^
 
Er zijn nog geen begrippen in de lijst opgenomen beginnend met deze letter.
 
R^ top ^
 
Er zijn nog geen begrippen in de lijst opgenomen beginnend met deze letter.
 
S^ top ^
 
Spaarloonregeling

De Spaarloonregeling is een constructie waardoor fiscaal aantrekkelijk kan worden gespaard van het brutosalaris. De werkgever stort maandelijks of jaarlijks een gedeelte van het brutosalaris op de Spaarloon Rekening van de medewerker. Over dit bedrag worden geen belasting en sociale premies berekend. Het netto salaris is dan gelijk aan het bruto salaris. Voorwaarde is wel dat het gespaarde bedrag op een geblokkeerde rekening komt te staan, een spaarloonrekening. De klant mag dit saldo pas na een bepaalde periode, bijvoorbeeld 5 jaar, opnemen. Wél is het mogelijk om het saldo te storten als premies op een beleggingsverzekering. Van deze mogelijkheid is de laatste 10-15 jaar door werknemers veel gebruik gemaakt.

Stuitingsbrief

Een brief waarmee u uw rechten (voor een bepaalde termijn) veilig stelt. In juridische zin geldt vaak een verjaringstermijn, als deze is verlopen, is een bepaalde vordering niet langer in rechte afdwingbaar. ‘Stuiten’ betekent dat de verjaringstermijn helemaal van nul af aan opnieuw begint te lopen.

Als u een beleggingsverzekering heeft is het zinvol om een stuitingsbrief te sturen aan uw verzekeraar. Hiermee voorkomt u dat u later mogelijk geen claim meer heeft op uw verzekeraar, ook al zou uw verzekeraar aansprakelijk zijn voor de door u geleden schade.

“Zie ook onder 8. http://www.woekerpolisclaim.nl/algemene_info.php
 
T^ top ^
 
Tekort

Van een tekort kan in het verband van de woekerpolis problematiek worden gesproken, als u de doelstelling van uw verzekering niet haalt en voorgespiegelde rendement niet wordt gerealiseerd. Het tekort kan dan ook worden gezien als het negatieve verschil tussen het voorgespiegelde eindresultaat van de verzekering (conform de offerte) en het werkelijke eindresultaat van verzekering.

Vaak is een (dreigend) tekort al zichtbaar tijdens de looptijd van de beleggingsverzekering, als gevolg van de vele kosten die in rekening worden gebracht en de (overmatige) kosteninhouding aan het begin (van de looptijd) van de verzekering in combinatie met koersdalingen.

En dreigend tekort tijdens de looptijd van de verzekering wordt meestal niet opgevangen door een mutatie op de polis (bijv. premieverlaging, of premie vrijmaken). Dit maakt het tekort meestal juist groter.

TROS Radar

Het televisieprogramma Radar van de TROS, heeft als eerste uitgebreid aandacht gegeven aan de (grote omvang van de) woekerpolis problematiek. De website van TROS Radar bezoekt u via deze link: http://www.trosradar.nl Via het archief kunt u eerdere woekerpolis gerelateerde uitzendingen terugkijken.

Tussenpersoon

Het bedrijf dat tussen u en de verzekeraar in staat, als bemiddelaar en adviseur.

Binnen de woekerpolis-affaire wordt veel gesproken over tussenpersonen. Als u een klacht heeft over uw verzekeringsproduct zelf, dient u in juridische zin, uw klacht aan uw verzekeraar kenbaar te maken, omdat u de overeenkomst bent aangegaan met uw verzekeraar en niet met uw tussenpersoon. Een klacht over de advisering en de bemiddeling door uw tussenpersoon, met betrekking tot de beleggingsverzekering, dient u in de eerste plaatst wel bij uw tussenpersoon neer te leggen.
 
U^ top ^
 
Er zijn nog geen begrippen in de lijst opgenomen beginnend met deze letter.
 
V^ top ^
 
VCG

Een afkorting die wordt gebruikt voor de Vereniging Consument & Geldzaken.

Verbond van Verzekeraars

Het Verbond van Verzekeraars is een belangenvereniging van in Nederland werkzame verzekeraars, die zich richten op de particuliere markt. De belangenvereniging laat zo nu en dan van zich horen binnen de woekerpolis-affaire en treedt als spreekbuis op voor Nederlandse verzekeraars, die beleggingsverzekeringen hebben aangeboden. Het Verbond heeft ook een algemene website, namelijk http://www.verzekeraars.org en een specifieke website http://www.feitenoverbeleggingsverzekeringen.nl (opgericht, naar aanleiding van de woekerpolis-affaire).
Neemt u er wel kennis van dat deze sites in beheer zijn van een belangenvereniging, waarvan aangesloten leden (verzekeraars) (juist deze) beleggingsverzekeringen hebben aangeboden.

Verjaringstermijn

In juridische zin geldt vaak een verjaringstermijn, als deze is verlopen, is een bepaalde vordering niet langer in rechte afdwingbaar. Binnen de verjaringstermijn dient u uw klacht kenbaar te maken aan de instelling of persoon waarvoor de klacht is bedoeld (binnen het woekerpolis kader: uw verzekeraar).

Als u een beleggingsverzekering heeft is het zinvol om een stuitingsbrief te sturen aan uw verzekeraar. Hiermee voorkomt u dat u later mogelijk geen claim meer heeft op uw verzekeraar als de verjaringstermijn om uw klacht kenbaar te maken, is verstreken.

VIP (Variabel Investeringsplan)

VIP is een afkorting van Variabel Investeringsplan, een door Fortis ASR (nu ASR Nederland) in het verleden aangeboden beleggingsverzekering. WPC richtte haar pijlen onder meer op dit product, omdat dit veel is verkocht. WPC ontving over dit product ook een groot aantal klachten.
 
W^ top ^
 
Waarde-overzicht

Een (jaarlijks) overzicht verstrekt door de verzekering waarbij uw beleggingsverzekering loopt of heeft gelopen. Niet alle verzekeraars hebben jaarlijks van deze overzichten verstrekt. Soms zijn aan het begin van de looptijd van de verzekering geen overzichten verstrekt. Het is mogelijk dat dit bewust gebeurde omdat de klant anders mogelijk zou zien dat hij al na één jaar minder had dan zijn inleg ten gevolge van inhouding van kosten.

Wabeke

Mr. Jan Wolter Wabeke (1948). Vanaf 2001 werkte mr. Wabeke als nationale Ombudsman Verzekeringen. Sinds april 2007 is het Klachteninstituut Verzekeringen in Den Haag, waar hij ook directeur van was, opgegaan in het Klachteninstituut Financiële Dienstverlening (KiFiD), en was de heer Wabeke de Ombudsman Financiële Dienstverlening (tot en met 2010).

Woekerpolis

Een benaming voor een beleggingsverzekering met (een grote hoeveelheid) verborgen kosten, soms vooral genomen bij aanvang of aan het begin van de looptijd van de verzekering, waardoor de polishouder bij tegenvallende koersresultaten onvoldoende of geheel niet in staat is de doelstelling van de verzekering en/of het door hem beoogde rendement te behalen.

WPC

Een afkorting die wordt gebruikt voor de Stichting Woekerpolis Claim.
 
X^ top ^
 
Er zijn nog geen begrippen in de lijst opgenomen beginnend met deze letter.
 
Y^ top ^
 
Er zijn nog geen begrippen in de lijst opgenomen beginnend met deze letter.
 
Z^ top ^
 
Er zijn nog geen begrippen in de lijst opgenomen beginnend met deze letter.
 
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z